Hoofdstuk 7: Acute electrische ziekte

Griep wordt niet overgebracht door besmetting. Met deze opmerkelijke conclusie, geheel in strijd met de gangbare opvatting, komt Firstenberg in hoofdstuk 7. Volgens hem wordt griep overgebracht door magnetische velden. Hij verwijst naar verslagen van scheepslui die griep krijgen nadat ze al weken of maanden op zee zijn, zonder fysiek contact met het vasteland. Achteraf blijkt dat ze griep krijgen op hetzelfde tijdstip als de mensen op het vasteland.

Vanaf 1879 nam het aantal mensen met telefoon explosief toe. En daarmee de telefoonkabels boven de grond in een wereld met ondertussen toch al heel veel andere hangende kabels. In grote steden waren er zoveel kabels dat ze duidelijk zonlicht wegnamen.


In dezelfde tijd nam ook de electrische verlichting sterk toe. Zogenaamde booglampen (is dit een goede vertaling van “arc light”?) hingen op openbare plekken in Parijs en Berlijn. Thomas Edison ontwierp een lamp met een zachter licht – de gloeilamp.

Vanaf 1881 bouwden Edison en zijn team honderden energiestations die klanten voorzagen van gelijkstroom in New York. De dikke kabels maakten het bos van kabels boven de stad nog dichter. Toen kwam echter wisselstroom. Eerst in Europa. In de Verenigde Staten wilde Georg Westinghouse wel investeren in deze nieuwe stroomvorm. Daarmee startte een korte “stroomoorlog” stussen het gelijkstroom- en het wisselstroomkamp. In beide kampen werden vuile spelletjes gespeeld om het publiek ervan te overtuigen hoe gevaarlijk de stroomvariant van de tegenpartij wel niet was, en hoe veilig de eigen variant was. Beide partijen hadden grote commerciële belangen. De wisselstroom-kant won de oorlog, vooral ook door Nikola Tesla’s uitvinding van de polyfase-gelijkstroommotor.

Toen kwam de electrische locomotief op. In 1889 werd duizend mijl electrisch spoor aangelegd. Een jaar later was dat verdrievoudigd.

“Eightteen eighty nine is the year manmade electrical disturbances of the earth’s atmosphere took on a global, rather than a local, character.” (Firstenberg 2017: 79).

Westinghouse verwierf Tesla’s patenten op wisselstroom en nam ze in gebruik. Hij liet nu in snel tempo electriciteitscentrales bouwen. In 1890 waren het er al 301. Gloeilampen werden al in tien landen gemaakt. Amerikaanse en Europese bedrijven installeerden electriciteitscentrales in Midden- en Zuid-Amerika. Alle grote steden waren verlicht met “arc light” of gloeilampen.

In 1889 startte ook iets anders. Een griep-pandemie. Van oudsher dacht men dat griep, “influenza”, werd veroorzaakt door de “invloed” van de sterren. Dat was geen verkeerde gedachte. Griep veranderde plotseling van karakter in 1889. Het was altijd een onvoorspelbare ziekte die plotseling toesloeg, hele bevolkingen terroriseerde, om dan weer voor jaren te verdwijnen. Vanaf 1889 kwam de griep elk jaar terug op ongeveer hetzelfde tijdspunkt.

Hoewel het influenza-virus het meest onderzochte virus is, is iets belangrijks niet erkend. Dat is dat griep helemaal niet besmettelijk is van persoon naar persoon (of van dier naar persoon).

Griep-pandemieën vallen samen met perioden van verhoogde zonnemagnetische activiteit, aan het eind van een zevenjarige cyclus. Dit stelde in 1992 R. Edgar Hope-Simpson, een wereldautoriteit op het gebied van griepepidemiologie. Hij bracht nieuw leven in een theorie van Richard Shope, en zei dat het griepvirus latent aanwezig blijft in gastheren (mensen of varkens), die zich verspreiden in grote getale door de populatie, totdat een omgevings-“trigger” het virus opnieuw activeert. En die trigger heeft te maken met seizoensvariaties in straling van de zon, en zou electromagnetisch kunnen zijn. Overigens hadden in de twee voorgaande eeuwen veel anderen al hetzelfde geopperd.


Grieppandemieën zijn er als er veel zonnevlekken zijn. Bijvoorbeeld tijdens de pandemie die begon in 1728. Griep is een reactie op een verstoring in de atmosfeer. Dat verklaart waarom de griep van 1889 begon op verschillende plekken in de wereld en zich sneller verspreidde dan de snelste vervoermiddelen van toen.


Griep kon ook plotseling toeslaan bij zeelui die al weken of zelfs maanden niet meer op het vasteland waren geweest. Bijvoorbeeld het schip Wellington verliet Londen op 19 december 1891 en op 26 maart 1892 kreeg de kapitein plotseling intense koorts. Op 2 april waren ze bijna op hun plaats van bestemming, Lyttelton in Nieuw-Zeeland. De loods zei, toen hij de zieke kapitein zag: Dit is influenza, ik heb het zelf net gehad.

Wat ook vreemd is: het virus besmet de luchtwegen, maar toch is influenza niet hoofdzakelijk een ziekte van de ademhaling. Waar komen de hoofdpijn, oogpijn, pijn in de spieren, hartklachten en alle andere niet-ademhalingssymptomen vandaan?


In 1889 waren in Engeland neurologische symptomen prominent aanwezig bij grieppatiënten, terwijl ademhalingssymptomen afwezig waren. Het leidde tot allerlei psychiatrische aandoeningen en de gestichten raakten vol.


En waarom treft griep sterke jonge volwassenen? Andere virussen treffen juist de zwaksten in een populatie. Er is geen besmetting van dieren of naar dieren. Dieren en mensen krijgen griep tegelijk omdat alle levende wezens worden beïnvloed door abnormale electromagnetische condities in de atmosfeer.


Het begrijpen van deze verbanden wordt bemoeilijkt omdat sinds 1933 griepvirus en klinische symptomen van griep als een ding worden gerekend, terwijl het eigenlijk twee verschillende dingen zijn. In dat jaar werd besloten (door wie vertelt Firstenberg niet) dat alleen personen bij wie het griepvirus in het lichaam zit worden gediagnosticeerd als lijdend aan griep. Volgens die definitie heb je geen griep zelfs als je dezelfde klinische symptomen hebt als iedereen om je heen, zolang er geen virus bij je aangetoond kan worden.


Volgens Firstenberg is griep niet besmettelijk. Hij verwijst opnieuw naar Hope-Simpson, die tijdens de “Hong Kong”-pandemie van 1968 registreerde dat in 70% van de gevallen slechts een lid in een huishouden griep kreeg. Dat is ook de reden dat vaccinatieprogramma’s maar matig werken.


Het griepvirus is op een of andere manier verbonden met epidemieën, maar nog nooit is aangetoond dat griep wordt veroorzaakt door dit virus, of dat het van persoon op persoon wordt verspreid.