Daily Archives: 15 juli 2019

Hoofdstuk 6: Het gedrag van planten

.

Wat is het effect van electriciteit op planten?  Daar werd in de negentiende en begin twintigste eeuw mee geëxperimenteerd. Hoe hebben stroompjes energie invloed op de groeisnelheid en de uiteindelijke grootte van de plant.


De briljante Bengaalse geleerde Sir Jagadis Chunder Bose (1858-1937) wist veel van botaniek maar ook van draadloze communicatie. Hij vond dat ook planten zenuwen hebben en bestudeerde die met een zelfontworpen instrument dat de plantbewegingen honderd miljoen keer vergrootte. Hij vond dat planten pulserende cellen hebben die het plantensap rondpompen, dus dezelfde functie als een hart in dieren. Iets wat niet in moderne botanische leerboeken staat.
Hij experimenteerde met electriciteits- en radiogolven op planten. Daar was hij overigens lang niet de eerste mee. Planten die met electriciteit waren behandeld ontkiemden eerder, groeiden sneller en langer, openden hun bloemknoppen eerder, maakten meer bladeren. Vaak, maar niet altijd, waren ze robuuster dan planten die niet met electriciteit waren behandeld. Dit werd vanaf 1775 toegepast op gewassen, met spectaculaire resultaten. Altijd was de stroom die was toegediend zwak. Maar hoe zwak precies, dat meten lukte in die tijd nog niet.

Bose werkte verder aan een model van Edward Pflüger over hoe electrische stroom dierlijke zenuwen beïnvloedt. Het kwam er op neer dat, als je twee dioden aan zenuwen koppelt, de negatieve diode een zenuw stimuleert en de positieve diode een zenuw verdooft op het moment dat de stroom wordt aangezet. Omgekeerd op het moment dat de stroom wordt uitgezet, dan is het juist de positieve diode die stimuleert. Tijdens het stromen zelf gebeurt er niets met de zenuw, zei Pflüger. Maar dit model klopte niet, vond Bose uit. Afhankelijk van hoe sterk de stroom is, kan het effect tegengesteld zijn. En stroom verandert diepgaand het geleidende vermogen van zenuwen. Daar was slechts een ongelooflijk zwak stroompje voor nodig.

Een microampère in planten, een derde microampère in dieren, om zenuwactiviteit te controleren. Nog minder intensiteit was nodig om de groei van planten te beïnvloeden.

In de jaren twintig vond Vernon Blackman, een landbouwonderzoeker aan het Imperial College in Engeland, uit dat blootstelling aan een stroom van 50 picoampère, een uur per dag, voor een maximale groeitoename zorgde. Te lange blootstelling, of te sterke stroom (een tiende microampère) was minder groeibevorderend of zelfs schadelijk. Dit werd in 1966 bevestigd door Lawrence Murr en zijn collega’s aan de Pennsylvania State University. Zij vonden dat “one quadrillionth of an ampère would stimulate plant growth.” (In Firstenberg 2017: 74).

Bose experimenteerde ook met radiogolven op planten. Naast botanicus was hij ook expert in draadloze technologie. Hij liet zien dat blootstelling aan zwakke radiogolven de plantengroei stimuleerde, maar blootstelling aan gemiddlde (hij noemt geen waarde) vertraagde juist groei. Radiogolven vertraagden ook het proces waarbij het plantensap omhoog wordt gepompt.

Bose concludeerde in 1927 dat planten reageren op een veel groter deel van het electromagnetisch spectrum dan mensen. En dat dat maar goed is ook. Anders zouden mensen alleen nog kunnen leven in hermetisch gesloten metalen kamers.