Daily Archives: 27 mei 2013

Knut Ødegård naar Poetry

Wie wil Knut Ødegård herdichten?
Ik niet. Niet dit gedicht. Niet zo.
Knut-2

Met andere woorden is het poëzievertaalproject van Poetry International Rotterdam. Van 11 tot en met 15 juni komt een heel aantal nationaal en internationaal bekende dichters naar Rotterdam. Terecht vraagt Poetry International aandacht voor de professionele literair vertalers. Dankzij deze vaak vergeten groep wordt poëzie toegankelijk ook voor mensen die de teksten niet in de oorspronkelijke taal kunnen lezen.

Omslag Knut Ødegard-DetBlomstra-1

“Kalle en spade for en spade” – dingen bij hun naam noemen, zeggen waar het op staat – is lang niet altijd mogelijk. Daarom is er poëzie. Dit is de omslag van Knut Ødegårds bundel uit 2009.

Het project Met Andere Woorden richt zich meer op mensen die (nog) niet vertalen als beroep hebben. Je mag een of meerdere gedichten van de festivaldichters vertalen. Van de brontaal naar het Nederlands, of juist van het Nederlands naar een andere doeltaal. Iedereen mag meedoen, professionele vertalers en studenten, huismoeders en keukenassisten. Als je maar een liefde hebt voor poëzie, taal en vertalen.

Zo zegt de website het: “Met het vertaalproject Met Andere Woorden nodigt Poetry International liefhebbers van taal, poëzie en vertalen van harte uit om zich op de vertaling van de gedichten van de festivaldichters te storten. Het vertalen van poëzie is immers niet enkel aan professionals voorbehouden. Gaande het vertaalproces ervaren deelnemers de dilemma’s die vertalers tegenkomen en ontdekken ze het belang van het creatieve vermogen van de poëzievertaler. Het vertalen is bovendien een grondige lezing van poëzie, die de relatie tussen betekenis, syntaxis, ritme en klank blootlegt. En dat maakt straks de ontmoeting met de dichter en de festivalvertaler weer extra bijzonder. Tijdens het festival kunnen deelnemers meedoen aan werksessies om samen met de dichter en zijn vertaler ervaringen uit te wisselen en lastige kwesties te bespreken.

Twee jaar geleden heb ik me grondig gestort op twee gedichten van Øyvind Rimbereid, die toen de Noorse gast was. Een prachtig en leerzaam proces. Iets over dit proces is te lezen in de blogposts Antigone en de zevenster en Bloemen in blok 11, Skogstjerne-vertaling en eventueel in de blogpost Roos, vliegend.

Vorig jaar was er geen dichter uit Noorwegen op het festival. Dit jaar weer wel, nu is Knut Ødegård te gast. Presentatie van Ødegård en de programma-onderdelen waar hij aan meedoet.

Knut Ødegård heeft al een lange carrière achter de rug. Lees maar(Noors). Hij heeft ook veel herdicht, vooral uit het IJslands, en kan dus vast veel boeiends vertellen over de uitdagingen daarbij. Ga naar het festival als je de kans krijgt!

Het te herdichten gedicht, welgeteld één deze keer, is het lange prozagedicht Drankarar og galningar /”Dronkaards en dwazen”. Dat komt uit de bundel Biesurr, laksesprang (“Bijengezoem, zalmsprong”) uit -hou je vast- het jaar 1983.

In het gedicht is de jonge Knut, zijn hand stevig om de kastanje in zijn zak geklemd, getuige van een religieuze processie door dronkaards en dwazen in zijn geboorteplaats Molde. Het jaar is 1955. Herfst? De dwaas Lundli, met op zijn rug een zwaar zelfgetimmerd kruis, zingt over boete moeten doen en achter hem volgen de dronkaards van het stadje. De stoet passeert een hotel, waar divers aan lager wal geraakt volk zich bij hen aansluit. De mensen gaan enthousiast meedoen, totdat Lundli door witte jassen in een ambulance wordt afgevoerd en de dominee iedereen naar huis stuurt. Jezus bedoelde het toch niet letterlijk toen Hij zei dat je je kruis op moest nemen! Een geweldig onweer barst los boven Molde. Knut gaat naar huis, eet zijn boterhammen met stroop en droomt dat hij naar de hemel vliegt.
Dit even heel oppervlakkig. Willem Ouwerkerk kan het vast veel beter vertellen. Hij heeft het gedicht tenslotte al een tijd geleden vertaald: Zuiplappen en dwazen

Dat laatste is een belangrijke reden dat ik helemaal geen zin heb om me aan deze tekst te wagen. Want waarom zou ik doen wat Willem ook al, en zo te zien op een goede manier, heeft gedaan? Kan ik me inhouden en niet naar die tekst kijken terwijl ik zelf vertaal – nee, denk het niet.

Een van de dingen die herdichten zo boeiend maakt is het sociale aspect. Dat ontbreekt hier helaas, want op de facebookpagina van het project heeft nog steeds niemand zich gemeld die dit gedicht wil herdichten. Behalve de eerder genoemde Willem die het project leuk vindt. Dus geen discussies over vertaaldilemma’s. En tsja, als ik eenzaam op mijn zolderkamertje wil herdichten, dan kies ik liever een gedicht uit Det blomstra så sinnssjukt. Die bundel spreekt mij meer aan.

Waarom is er gekozen voor zo’n oud gedicht? Van iemand die ondanks zijn al rijpe leeftijd nog volop actief is? Deze maand verscheen het eerste deel van Ødegårds herdichting naar het Noors (beter gezegd: nynorsk) van twee Eddagedichten.

Omslag van Edda-dikt door Knut Ødegård. Foto: Cappelen Damm.

En, als het dan toch een gedicht uit Biesurr, laksesprang moet zijn, waarom dan niet het prikkelende titelgedicht. Fragment:

“Kåt, å så kåt kjem eg
springande inn i sumaren
med ei surrende bie i håret: Å
alle jenter, eg snublar
inn i dykkar glidande
jomfrudom”
(…)

Geil, o zo geil kom ik
de zomer in springen
met een zoemende bij in mijn haar: O
alle meisjes, ik struikel
naar binnen in jullie glijdende
maagdelijkheid

Dan hebben we het ergens over! Of is dit te schokkend voor de keurige dames in het publiek?

Over dames gesproken: Is het een idee om de volgende keer eens een vrouwelijke Noorse dichter naar het festival te halen?
Twee van mijn favorieten zijn Anne Bøe en Rawdna Carita Eira. Eira werd genomineerd voor de Nordisk Råds Litteraturpris in 2011. Bøe had die prijs allang moeten hebben.

7 juni: Vanwege een grote hoeveelheid spam moest ik het commentaarveld sluiten. Reacties blijven welkom, stuur die maar naar het emailadres dat je elders op deze website vindt.