Alles uit 2007

Omkeren-21 december
Nu is het wel weer welletjes, denkt de zon. Nu ga ik lekker weer naar het noorden. ‘s Kijken of ze daar ook zo aan het kerststressen zijn. Kerst, het ik-ben-op-mijn-retour-feest.

Jeuk-19 november
Dat is het voordeel van rondbreinaalden. Je kunt er mee onder het gips krabben. Het ging toch nog vriezen en dus was het boem toen ik de post ging halen.

Lapjes-12 november
‘Jij hebt niet in Noorwegen leren breien’, constateert een medestudente achter me. ‘De draad rechts is alleen handig bij lange pennen, die je onder je oksels kan klemmen. Zoals ze in Nederland doen.` De studente naast me is bezig met een berenlappendekentje en laat zien hoe het gaat met de draad links. Zo wordt het toch nog interessant bij het college ‘Samen tellen’.

Wingerdtijd-24 oktober
De zon komt een uur eerder op boven de aardbeien in Finnmark. Nog even. Volgend jaar druiven?

24 oktober
En ik sta hier ‘tevreden’ met de kleine achter ‘t raam
het regent, er is geen reden
om met vaatwerk te gaan smijten
omdat ik niets doe met zo’n kind

Dooie Lappen– 18 oktober
Het is gelukkig een van de laatste artikelen voor de volgende bijeenkomst: ‘Een uitgestorven Lappencultuur in Kemi Lappengebied`. Klinkt uitnodigend, niet? Blijkt också nog in het Zweeds te zijn.

Herwaardering– 8 oktober
Ook daar is zo’n cursus goed voor. In de kleedkamer ontdek ik dat mijn buik lijkt op een sjamanentrommel met zonnestralen-runen.

Woonkamergeleerde–3 oktober
Baby op de bank, atlas op tafel. Lezen over middeleeuwse volkeren: Barmen, Tsjuden, Kvenen, Komi. Het licht moet aan ook al is het negen uur geweest.

Kolfpauze–14 september
Bij een strandje krijgen we een korte pauze. Ga een eindje van de groep af zitten en zet het ding aan de tiet. Flesje vergeten…hopelijk groeit het gras er goed van. Als ik terugkom vraagt de een na de ander ‘Hoe ging het?’

Archeologie–10 september
Zoeken naar Samische sporen op Spildra, een eiland in Noord-Troms. Het is een stukje rijden en varen, maar dan heb je ook wat. Mensengraven, berengraven, omtrekken van hutten, medecursisten.

Commode–24 augustus
‘Maar komen er hier dan nooit baby’s?’ vraag ik. De mevrouw van de UNN-informatiebalie is met me meegelopen naar de personeelsgarderobe, waar in de wc achter een paar vouwrolstoelen een commode staat. Als ik de luier heb verwisseld zie ik een briefje boven de wasbak dat mij opdraagt om die in een ‘dubbele’ plastic zak te doen. Ziekenhuishygiejeene? Vergeet het maar, denk ik, een is genoeg. Gelukkig, want nu heb ik nog zakjes over als hij even later op de afdeling en in de bus terug poept.

Verhuisd–22 augustus
‘Martin! Niklas! Nooora!` Silje roept thuis graag de namen van haar crechegenootjes. Nog steeds favoriet is ‘Martin!`, al heeft ze die nu al meer dan zes weken niet gezien. Want zijn papa wilde en kreeg een civiele baan in het zuiden. Martin, die haar voorzichtig naar binnen leidde toen ze nog niet goed kon lopen. Martin, Siljes danspartner- ze rukte zich tijdens een dansactiviteit los van een leidster, rende naar hem toe en pakte hem bij de lurven. ‘Martin komt niet terug`, zeg ik tegen Silje. ‘Hij is verhuisd.` ‘Vuh huis’ herhaalt ze, half begrijpend. `Martin!`

Foldvikmarkt–14 augustus
Het was een mooie tocht langs de Gratangenfjord. En we hebben nu dus twee rendierhuiden voor op de balkonstoelen. Verder viel de markt me tegen, niet kwantitatief, maar wel het aanbod. Hoeveel glazen oorknoppen kan een mens verdragen?

Glamourgirl–2 augustus
Sneeuw, zwanger of instabiel, bijna altijd is er een reden om logge lage schoenen te dragen. Maar vandaag mag ik shoppen in Narvik. Zie me trippelen in het Storsenter. Allereerst koop ik een schoenenrek bij de Jysk. Met de anderhalve meter lange doos onder mijn arm roltrap op, sjieke make-upzaak, roltrap af, merkkledingzaak. Pas als het tijd wordt om te kolven ga ik terug naar de auto (gratis geparkeerd, dus een eindje lopen). En doe sandalen aan.

Helaas– 29 juli
‘We’re fools to believe it
We’re fools to try
To slow down this seemingly
Non-stop July’
(a-ha)

Mieren– 24 juli
‘Mien! Hallo!` Dochter hurkt op het bospad en volgt de beestjes met haar ogen en haar handje. ‘Ha det!` zegt ze als we verder lopen. Gelukkig is ze niet zo geboeid door muggen.

Uitpakken (2)–7 juli
Silje heeft vier weken vakantie van de creche. We moesten al haar spullen meenemen, drie tassen vol. Ik stop alle wollen rompers en broekjes in een net en leg dat ver weg. Nu is het tijd voor luchtig katoen. Zolang het zomer is lijkt het zomer voor altijd.

Uitpakken–2 juli
Steeds hetzelfde kadopapier met nijlpaardjes en slakken. Van de (bijna) enige babyspullenwinkel in het dorp. Nog niets dubbel gekregen. Wel een hemelsblauw pakje en van iemand anders hemelsblauwe slofjes. Alsof we een uitzetlijst bij de Coop hebben liggen.

Worst–29 juni
Het mannetje ligt op mijn buik, we hebben allebei een spuitje gekregen, ze hebben moederkoek en navelstreng (‘wel 90 centimeter!`) geshowd. Dan vraagt jordmor Kirsten of we zin hebben in worst en hamburgers. Papa krijgt twee gekookte worsten met brood, ik eet vier boterhammen. Kleintje gaat voor het eerst aan de tiet.

Rijles–25 juni
Vroedvrouw Ruth strijkt over mijn schouder. ‘Jullie tweede bevallingen zijn zo lur. Vooral vanaf vier centimeter kan het heel snel gaan.’ Ik ben vier centimenter en lig op een nauwe stretcher. Toen we instapten stopten de weeën even, nu zijn ze terug. Af en toe hoor ik getoeter. Wat asociaal, denk ik, tot ik ontdek dat het de ambulance zelf is. ‘Die daar moet nog wat extra rijlessen!’ zegt vroedvrouw Ruth tegen de chauffeur. Tegen mij: ‘Veel mensen schrikken als ze blauwe lichten zien. Gaan niet aan de kant, doen plotseling rare dingen.’

Thomas–24 juni
Het ging inderdaad snel en goed, en dankzij de assertieve verloskundige (‘Kunnen jullie niet wat opschieten met die ambulance!’) waren we op tijd in het kraamhotel. Vorige week zaterdag is onze prachtige zoon geboren. We moesten toch nog naar Tromsø voor een medisch onderzoek. Nu zijn we weer thuis en daar hadden we gedacht te blijven voorlopig. Muisjes, mutsjes, boertje, knuisjes, zusje, broertje, een grote donzige roze wolk. Over die naweeën een andere keer.

Hopp–8 juni
‘Het worden vast goede skispringers’, werd er toen natuurlijk gegrapperdegrapt. Toen gisteren twee vrouwen met een kwartier tussentijd een zoon hadden gebaard onderaan de Mobakken-skischans, waar je goed kan parkeren. Iets buiten het dorp en een heeeel eind van het ziekenhuis in Tromsø. Gelukkig was de verloskundige er om heen en weer te rennen tussen beide ambulances. ‘Maak je geen zorgen’, vertelde ze mij vanmorgen. ‘Als het zo snel gaat, gaat het meestal heel goed.’

Volkslied–6 juni
De buurman kan het Wilhelmus. Alle vijftien coupletten. Goed, ‘vrij onverveerd’ komt er wat kreupel uit, en ook verderop zal het wel niet foutloos zijn. Heeft-ie ooit geleerd toen hij de Nijmeegse Vierdaagse liep als soldaat, toen zat hij in een koor. Namelijk. Hm, hoe ver kom ik met ‘Ja vi elsker’? Het eerste couplet lukt goed, ‘furet, værbitt over landet’ zing ik uit volle borst mee. Jammer alleen dat het ‘furet, værbitt over vannet‘ is. Het land dat doorgroefd, verweerd oprijst uit het water.

Kandeel–2 juni
Ouderwetsche kraamdrank. Laat 1 dl. water een half uur trekken met een citroenschil, 3 kruidnagels en een kaneelstokje. Zeven, laten afkoelen en in het vriesvak ermee. Wacht met het kopen van de acht (of meer) eieren tot het kind er is, want dat kan nog een maand duren. Die beloofde vinmonopol komt hier pas na de zomer, dus plan voor de witte wijn een tocht naar Bardufoss of Finnsnes.

Pizza (3)–30 mei
Jullie vragen je natuurlijk af wie Anette Stai is. Dat gaan we nu bekendmaken. Anette Stai was in de jaren tachtig een topmodel. Maar na een burnout en drugs (andere dan Grandiosa) verdween ze een tijd uit beeld. Nu, inmiddels 44, is ze terug met fitnessvideo’s. Ze ziet er zeker nog (of weer) goed uit, dus ze eet misschien niet zo vaak een Full Pakke. Behalve wat tomatensaus is er geen groente op te ontdekken. Alleen maar gaktballen, ham, pepperoni en room.

Pizza (2)–28 mei
Zij dribbelt, ik sjok over het bospad. Kijk, een ka-ka. Gooien met denneappels, steentjes verzamelen. Als we thuiskomen zet ik de oven aan en krap een half uur later zitten we aan tafel. Ik zou zeggen dat die roze fliebertjes stukjes varken waren. Maar het is volgens de verpakking toch echt ‘storfekjøtt’, ossenvlees. Hij is best lekker, vindt ook dochter die de vulling van haar stukjes likt.

Pizza–27 mei
Leraren worden gek van het Grandiosalied, dat (gratis te downloaden) uit de mobieltjes klinkt. Ouders gaan meedeinen en -klappen als hun kids het bijbehorende dansje doen op de schooluitvoering. En ook ‘goed volwassen’ mensen, zoals dat hier zo mooi heet, sturen het naar elkaars mobiel. Kijk hier maar eens en wees niet verbaasd als het de hele dag in je kop blijft hangen.

Volksvoedsel–26 mei
Vraag: Wat is nou typisch Noors eten?
Antwoord: lapskaus (stamppot van o.a. aardappelen en wortels en vlees), fårikål (stoofpot van lam en witte kool), zalm, kabeljauw, rømmegrøt (roompap), … hou maar op. Dit zou een belegen reisboek zeggen. Maar in werkelijkheid is de Grandiosa het Noorse volksvoer. Een diepvriespizza met veel kaas, rundvlees en wat paprika en tomaat. Niet aan te slepen in de legerkiosk.

Sommer–25 mei
Når du engang kommer
nå til sommer
går jeg endelig ned i vekt
og vi skal synge
vuggesanger om igjen
Når du engang kommer
nå til sommer
kan jeg atter drikke vin
og jeg skal ikke bry meg
om hva ammemafiaen sier

Woordenschat–24 mei
Pappa, mamma, Siijah, vis, kaas, poep.
En ‘gris’ op de creche. Varken.

Schrikbeeld–22 mei
Arm kind
pasgeboren, zo pril
ach wat lig je hier stil
langs de kant van de weg

Beste antwoord op stomste vraag–11 mei
‘Wordt het een jongetje of een meisje?’
‘Ja.’

Polar Zoo — 8 mei
De muskusossen stonden sjagrijnig maar rustig te staan. Vogels in de lucht, dochter riep ‘Ka! Ka! Ka!’ We waren te laat voor het echte werk, de wolven enzo. Alleen veel rendierkak gezien. We komen terug.

Kepniet– 30 april
Geen eigen auto
en ook geen fiets
ja, een lage roestbak,
maar dat helpt me niets
skaten mooi vergeten
en al heb ‘k een spark
de sneeuw is van de weg weg
wat kan ik? Waggelen
op een halfkaal grasveld
boom, fontein, rollators,
tegenover ‘t kerkhof
als je oversteekt tenminste
dat is mijn park.

(wordt misschien vervolgd)

Bieb –20 april
Wat is er speciaal aan de bibliotheek in onze eigen ‘dorpsstad in Troms?’ Vooral dat hij op loop- fiets- en sparkafstand ligt. En dat de hoofdbibliothecaris zelf de planken afsopt. Veel tijdschriften over jagen, vissen en andere echtemannenhobby’s. Een afdeling geschiedenisboeken, waarvan veeel over de oorlog. De videocollectie lijkt bijelkaar geraapt. Onverstaanbare toneelstukken van Tarjei Vesaas naast een reclamevideo voor Shell. Maar de dvd’s zijn een verademing vergeleken met die van de Narvesen-kiosk aan de overkant. Die heeft alleen maar films met schieten en tieten.

Helgestengt –13 april
Ik heb vandaag de auto en rijd naar Bardufoss. Naar men zegt is er een goede bibliotheek in het Istindportalen. Die is er inderdaad, maar wel dicht vandaag. Cursus. Ik wil mijn hardwerkende gubbe verrassen en rijd door naar het vinmonopol, waar ik nog net het laatste flesje Aass bock uit het schap kan grissen. Het zou wel eens lang kunnen duren voordat er nieuwe komt. Terug in Setermoen wil ik glas en dozen dumpen bij de gemeentewerf, maar vergeet het: vanaf 14.30 dicht op vrijdag. Werken Noren dan nooit?

Breien (2) –10 april
Heb ik weer–eindelijk op gang en dan lees ik een dag later dat je op Witte Donderdag niet mag breien. Toen werd het kruis in elkaar gezet, zegt de traditie. Breinaalden lijken teveel op lansen. Maar het broekje is af.

Breien–5 april
Lang leve Internet. Anders had ik nooit een artikel kunnen schrijven over handwerkwinkels in Oslo, hier vanuit Bardu, voor een Nederlands tijdschrift. Maar ik word ook moe van altijd maar dat staren naar het scherm. Nu is het Paasvakantie, het is niet overdreven om te zeggen dat heel Noorwegen op slot zit, en ik doe het ook rustiger aan. Ben aan het breien!

Glad–26 maart
Smeltrivieren over de weg, die dan weer opvriezen. Ik laat dochter zelf lopen, van huis naar de auto en van de auto naar de creche. Hou haar armpjes vast, maar ze staat stabieler dan ik. Andere moeders schuifelen met hun spruitjes op de arm. Ook als die al kunnen lopen. Waarom wordt er niet gestrooid?

Alles onder controle–13 maart
Autorijden is inspirerend, dat was ik bijna vergeten. We kochten in Bardufoss een smaragdgroene en een zalmroze joggingbroek. Voor de laatste veertien weken en ook gerust daarna, jaah, thuis. Maar we vergaten de plastic tas bij de Rema. Dus ik nog een keer rijden en op de terugweg viel me de mooiste meisjesnaam in. (En nou niet zeggen: ‘Oo, dus jullie weten wat het wordt ??’)

Soda–6 maart
De soldaten gaan op een grote lange oefening. Kunnen wij kantinemiepen even met onze voetjes in een badje zitten. En waren bestellen, want bijna alles is op na dit weekend. Hoeveel duizenden liters cola zouden we verkocht hebben?

Van de dagwijs–19 februari
Wat een mooi woord: døgnvill. ‘Etmaalgek’, ‘verdwaald in de dag’, oftewel: ‘Lijdend aan jetlag.’ Zo heet het festival waar Morten (47) en de zijnen in augustus optreden. Kaartjes zijn sinds vrijdag te koop. Zullen wij, zal ik…? Peuter aan de hand, baby op de arm, gillen? I’ll be gone in a day or tooooooooooooooooooooooooo!

Ouwe lullen–16 februari
‘Eet gezond, rock hard’, staat op een zak Buktabrood onder een tekening van Iggy Pop. Mond wijd open, ogen dicht vlak voor een microfoon. Dat komt, man en band spelen ‘exclusief’ op het Buktafestival in juli, bij Tromsø. Het kan niet op, want ook a-ha komt naar het Parijs van het noorden. Ook alledrie nu 40+, minstens. Ze worden de trots van -was het nou het Fucking North Pole Festival? – erg up to date zijn de Tromsøse websites niet.

Bivakmuts kopen?–15 februari
`Het vriest een graad of twintig, het is winter en vrij koud.` Met drs. P in mijn hoofd loop ik naar mijn werk, een wandeling van ongeveer drie kwartier. Goed om die luie r*** weer eens te bewegen en de zon schijnt prachtig op de Storala. Lilarozige sneeuw, ofzo. En hier zijn geen wolven. Maar ik ben blij als er een collega voorbijrijdt en me een lift aanbiedt.

Kraamkliniek–11 februari
‘Het aantal geboorten hier neemt af, helaas’, constateert de kinderverzorgster die ons rondleidt in de lege kraamkliniek in Finnsnes. Het is wat sober, maar OK, vinden we. Een goede helicopterverbinding met het ziekenhuis in Tromsø, en we krijgen vast niet te klagen over de hulp bij en na de bevalling. ‘We doen hier niet veel op het moment, maar we oefenen voortdurend met de procedures bij zuurstoftekort’. Ook geruststellend.

Smurfensnoep–8 februari
Nu werk ik in de legerkantine. Pas geopend, draait als een tierelier. De soldaatjes zijn goede afnemers van pizza’s, hamburgers, frisdrank en vooral chocola. Soms een paar 200-grams-blokken tegelijk. De smurfensnoepjes doen het ook niet slecht. Een soort jellybeans zijn dat, op de pakjes staan smurfenplaatjes die je kan sparen. Dan voel ik me wel oud.

Cafe; Kaffebønna–29 januari
Ik bestel een macchiato en een vega-focaccia, met pesto natuurlijk. Kost een paar øre, maar dan mag je ook kunstboeken lezen aan de stamtafel. De wc is design, met zonder handdoek of afvalemmer. Bij de COOP koop ik een cola light en een paar Kvikklunsjen voor in de bus.

Tromsøtur–24 januari
In het ‘Parijs van het noorden’ huist een onbegrijpelijke hoeveelheid kapsalons en schoenenzaken. Verder lijkt Tromsø meer op een klein Leeuwarden. Ik vermoed dat de peuters hier in hun schoenen poepen en urine via hun haar uitscheiden. Potjes zijn alleen in koopcentrum Jekta te krijgen, een heel eind buiten het centrum.

Taartjesdieven–10 januari
Het meisje zal vijf zijn, haar broertje ongeveer drie. Ze zitten aan een tafeltje met elk hun tarwebol, terwijl hun moeder wat boodschappen doet. Hij eet vooral, zij babbelt er op los. `Het is rustig!` Ik ben blij dat ik haar eindelijk versta. ‘Ja`, zeg ik. `Rond lunchtijd kwamen er veel soldaten die een broodje ham-kaas wilden. Maar nu verveel ik me een beetje.` `Heb je geen zin om weg te gaan?`, vraagt ze. `O nee. Dan komen er allemaal mensen naar binnen die je taartjes stelen.` Het jongetje knikt instemmend.

Vannbakkels–5 januari
Natuurlijk zou ik graag in een augurkenwinkel werken. Wie niet? Maar ook als personeel van een bakkerszaak kan ik gratis of met flinke korting mijn lusten botvieren. Konditoripoëzie. Wienerpekan (koffiebroodje met noten), prinsesseboller, skoleboller, skillingboller (met gele room en/of diverse versieringen), vannbakkels (slagroomsoes). Mijn favoriet is de ‘groene trui’, een roomgebakje met een deklaag van groen marsepein.

Valid HTML 4.01 Transitional