Alles uit 2006

Eind goed–27 december
Onverwacht kwamen er nog christelijke elementen in ‘Kerst in het Walhalla’ (zie 8 december). Ragnarok kon alleen voorkomen worden als iemand van de goden Loki vergaf dat hij Balder had vermoord. En wiens hartje was groot genoeg daarvoor? Juist, dat van Balder! Nu zijn alle goden weer een gelukkige familie, zelfs tante Hel van het dodenrijk werd uitgenodigd op het uitgestelde zonnewendefeest.

Dooi–21 december
Als dit een fimbulwinter is komt de zon niet meer terug. Anders hebben we na vandaag het donkerste gehad. Weinig doet denken aan een fimbulwinter. Het dooit maar een graad, maar de bijna een meter sneeuw die deze week viel -maandag een half uur geschept om een pad naar de deur te maken- die zie je bijna wegdruppen.

Davvi-Norgga Universitehtabuohcceviessu–14 december
Worstlucht en Samische h’s, dat zijn mijn eerste indrukken van het Universiteitsziekenhuis Noord-Noorwegen in Tromsø. Je kunt als je binnenkomt nog net voorbij een Informasjon/Diehtojuohkin-balie, of daar staat de onvermijdelijke Narvesen-kiosk. Ook veel witte jassen kopen daar hun lunch–ze verkopen ook bakjes sla. Het duurt even voordat ik snap dat je voor een bekertje chocolademelk eerst in de rij moet staan om te betalen en het dan zelf moet halen bij een automaat. Dan kun je kiezen tussen ‘kakao’ met warm water en ‘kakao met melk’. De tweetaligheid geldt niet voor de machines. Ik eet mijn boterhammen op een stoeltje voor de deur van de Pol. Plastihhka, waar ik mijn afspraak heb. Nou ja, bij de Pol. Nisson in dezelfde gang. Nog maar een bekertje, want over een uur moet mijn blaas vol zijn.

Hij komt(2)–8 december
We zijn trouwe kijkers van de serie ‘Kerst in het Walhalla’. Elke dag van 1 tot en met 24 december. Twee kinderen bevrijden de vastgeketende god/reus Loki, en wat doet die etter? Hij start een fimbulwinter, het begin van ragnarok, het einde van de wereld. Dus. Kunnen die twee dat weer terugdraaien, met hulp van het hele arsenaal andere Noordse goden? Terwijl hun respectievelijke pa (boswachter) en ma (carrière maken) eerst kibbelen maar elkaar tenslotte krijgen, neem ik aan, en in elk geval ondertussen samen met oma het huis versieren. Voordeel van een fimbulwinter: je hebt tenminste wel een witte kerst! Ik hoop dat er nog ergens een bijrolletje is weggelegd voor een baby in een voederbak, maar ik weet eigenlijk wel beter.

Hij komt–3 december
Het begon al in september, maar nu is er geen ontkomen meer aan. Vanaf 1 december openen kinderen elke dag een vakje van hun kerstkalender. Gisteren was de ‘kerstboomaansteking’ in het kerkpark–de lampjes gingen aan. Er was weer wat sneeuw gevallen gelukkig. Zingen en dansen om de boom en een soort kerstman met een masker deelde zakjes snoep uit. Voorlopig is de commercie nog de hoofdrolspeler in dit drama. Al weken wordt voorspeld dat dit jaar alle kooprecords aan diggelen gaan.

Donker–28 november
De donkere tijd zakt neer, zoals ze dat hier noemen. Gisteren kwam de zon nog even op in Tromsø voordat ze ruim een half uur later onderging. Vandaag komt daar de zon niet meer op. Misschien hier iets ten zuiden van Tromsø nog een paar minuten. Dan wordt het nog tot 21 december steeds donkerder, als de zon zich richting Steenbokskeerkring beweegt. Ik vind het niet ongezellig tot nu toe. Wat me verontrust is het dooiweer. Bijna december en het lijkt wel lente.

Pol–26 november
De vlag ging vrijdag uit bij het gemeentehuis: Bardu mag een eigen pol! Vinmonopol, staatswijnwinkel. De burgemeester is in zijn nopjes, want binnenkort hoeven de inwoners hun geld voor drank niet meer in de naburige gemeente Målselv te besteden. En gezien de prijs van drank moet het om veel weglekkend geld gaan. Een andere naburige gemeente, Salangen, heeft de slag om de pol verloren en daar zijn ze goed pissig. ‘Schande, een pol in Sjøvegan heeft een functie voor wel vijf omliggende gemeenten, terwijl ze daar in Bardu alleen maar een kwartiertje naar Målselv hoeven te karren!`Meer drank

Blessuretijd–17 november
Anderhalve week naar Nederland geweest, en we dachten dat het hier nu helemaal donker zou zijn. Maar het is elke dag nog een paar uur licht. Vooral als de zon schijnt, dan zien we nog het licht op de bergtoppen. Ongelooflijk mooie roze- en lilatinten. Het zal snel voorbij zijn, maar vandaag nog niet. Meer blessures

Baalkaffe–30 oktober
Niet genoeg dat ik door een halve meter sneeuw moet waden, het drie uur ‘s middags donker wordt en iedereen zeurt over Kerst. We zitten ook al bijna twee weken zonder Internet. En het einde is nog niet in zicht. Ja, er staat vandaag een stukkie van mij in de krant. Gemaild vanuit het Bardu Hotell. Nog een geluk dat die computer daar een USB-aansluiting heeft.

Groeten uit Maaiveld–8 oktober
Ik lees in de krant hoeveel een aantal mensen die ik ken verdienen, hoeveel vermogen ze hebben en hoeveel belasting ze betalen. En hoe oud ze zijn! Wat ik nog niet weet:

  • Hoe vaak wisselen ze van sokken
  • Hoeveel streepjes hebben ze op hun kerfstok en natuurlijk:
  • wat is hun quetelet-index?

Kan iemand dat uitzoeken voor volgend jaar? Alvast bedankt! En niet over mij publiceren!

Dugnad (2)–26 september
Er zou morgen een dugnad zijn op de crèche. Lekker samen graven waar een schommelstatief moet komen. Maar dat wordt uitgesteld vanwege de elandjacht. Ouders willen het bos in en schieten.

Nog–25 september
Krabben hoeft niet, je kunt de sneeuw gewoon wegvegen van de achterruit. De bergen zijn niet half wit. De buigzame oranje stokken die weer langs de wegen staan hebben geen functie. Iedereen ziet waar de kant van de weg is. De reflecterende strepen op die stangen zijn ook weinig nodig. Want het is licht overdag.

Eindelijk!–22 september
Spookachtig en vaag, maar onmiskenbaar: noorderlicht in het oosten. We renden naar het andere balkon, want daar was beter zicht. Het verdween na een paar minuten.

Gezond–18 september
Er vroeg weer iemand of ik zwanger was. Daarom loop ik niet alleen het hele pad langs de Bardurivier, maar verder langs de sporthal en naar de Rema 1000. Er is een grote militaire oefening aan de gang, weet ik. Dus ik schrik niet als er in de supermarkt twee camoeflagegesminkte soldaten rondlopen. De ene koopt een zakje fruitsnoepjes. Ik koop bier.

Blåbergenden–13 september
Op een rots iets boven de boomgrens staat de stempelautomaat. Beneden ons weitjes en een meertje. Daar moet Viken zijn. Als we uitgepuft zijn moeten we terug, want dochter moet opgehaald. De berken worden weer groter en talrijker. Veel zalmroze stammen. Pas halverwege gaat het regenen. Geglibber blijft ons bespaard, maar goed ook, uitglijden kan ik toch wel. De routebeschrijving noemt deze wandeling `relatief licht`. Slechts 752 meter hoog en een goed pad. Nee, dan de Istindan. Die gaat bijna 1500 meter omhoog en is steil. Als je tien bergen in de gemeente afstempelt, waaronder de Istindan, krijg je een mok van Bardu Fjelltrim. Dat moet later maar eens.

Zaterdagmiddag–9 september
Het ruikt naar open haarden. We zijn bijna alleen op straat, maar in de Domus is het druk. De steentjes op het pad langs de Barduelva zijn net zo grijs als de lucht. Hij stroomt petrol. Kleine oogjes in de buggy, maar het duurt lang voordat ze dicht gaan. Voorbij de platgevallen varens gaat het hard regenen. Drie soldaten en weer op de verharde weg een man op een fiets die kijkt. Vader van een jongetje op de creche? Geen paddestoelen.

Sopp (2)–7 september
We gingen met onze nieuwe turbroeken aan het bos in. Eerst vonden we alleen verrotte en/of aangevreten grote roodbruine, die lieten we staan. Bij een paar dode dennen stonden (en lagen) veel zwarte. Verrotte cantharellen? In elk geval leken ze niet op de trompettes de mort in ons nieuwe paddestoelenboekje. Mijn wandelschoenen bleken niet waterdicht, sopperdesop. We waren blij met een groepje mooie roodbruine bij een den en kleine lange witte op mos. Snel geplukt, het regende zo hard dat we het boekje er niet meer bij wilden pakken. Thuis bleek dat de eerste waarschijnlijk pepperrørsopp waren, ongevaarlijk maar vanwege de pepersmaak ook niet eetbaar. Hoewel? De tweede leken een klein beetje op een giftige soort en niet op enige eetbare soort. Alles weggegooid en naar de supermarkt gereden voor een zakje champignons.

Meer dan geld verdienen–4 september
We hebben net besloten dat ik volgend weekend eens vrij neem, als Silje Doekle weer op de grond gooit. Waarom toch zo vaak Doekle? Omdat ie laag in het rek staat, makkelijk vastpakt, omdat zijn grote kop wat op die van papa lijkt? Ze slaat Doekle open, dicht en nog eens open en dicht en krabbelt weer weg.

Spenen–1 september
Marie zorgde de hele zomer voor het verstoten elandkalfje. Gaf hem melk, aaide zijn vette vacht. Nu Marie terug naar huis is wil de vaste oppasser de melk snel afbouwen. `Takken moet hij eten, net als zijn tweelingzus.` De baby in de Solsvingen Zoo is bijna elf maanden, tijd om te stoppen met de nachtborstvoeding.

Sopp–30 augustus
Bijna kon ik mijn eigen variant van een oud carnavalsliedje zingen: `IIIK.. HEEEB… tyttebær op mijn tieten`. De dokter raadt de wrange ongezoete bessen aan tegen spruw. Gelukkig gaf ze ook een recept voor een gewoon geneesmiddel mee. Misschien hebben alle echte Noren een voorraadje zelfgeplukte tyttebær in de vriezer. Ik ben aangewezen op een van de supermarkten in dit dorp. En daar is alleen tyttebærjam te koop, met suiker als tweede of eerste ingredient.

Waanwittig–28 augustus
Ik kreeg een sommerjobb in de dierentuin, want ik kan zoveel talen. “Vi har en foringsrunde som starter klokka to…o nee, tolv. Over brua opp til venstre, opp med gaupa. Gehen Sie über den die dem Brücke und links. Die Luchse. Lüchse? Toch Luchse. Oui, nous avons des gloutons. Kor gammel e barna? Da er familiebillett rimeligst. Cent cinquant. Eh quatreeeh vinggtt cinq pour pensjonister. Dank u wel. Ja, ik woon hier. No, we don`t have a students discount. Sind Sie Rentner? Da haben wir Korting.”

7 augustus
Zo suk`len wij op Senja
in een ouwe bak
we eten wat in Skaland
spelen op een Fa-strand
kleine witte schelpjes, terug op ons gemak
en `s avonds zien we knijpend
hoe de zon achter de bergen zakt
pom pi dom pi dom pi dom pom pom

Sprookje (vervolg) -17 juli
De Zweedse dokter constateerde dat het goed ging met de oortjes. Maar het werd tijd dat de prinses weer ging drinken. Hij liet zien hoe het moest: neem haar op schoot, een beetje narren en met een lepeltje suikerwater naar binnen luren. “Ik heb acht kinderen”, zei hij – als ze het goed verstonden. De eerste 60 ml. duurden een uur. Maar een dag later was de eetlust niet meer te stoppen. De prinses begon weer te schateren als ze zichzelf zag in het spiegeltje aan de wand.

Sprookje -14 juli
Het anders zo vrolijke prinsesje lag te schreeuwen op haar buik en dronk bijna niets. Dokter Holm zei: blijf borstvoeden, hou het in de gaten. Op zaterdag plaste de prinses weinig. Omdat alle Barduse dokters verlof hadden, moesten de koning en koningin met de koets naar het rijk van Salangen. Dokter Olsen uit Denemarken hield daar de wacht. Hij dacht aan verstopping. Dokter Sigmarsson uit Zweden ook, die schreef laxeermiddelen voor. Maar het prinsesje bleef krijsen, kreeg koorts en werd slapper. De koning en de koningin legden uit voorzorg schone gewaden in de koets, want het universiteitshospitaal was vele mijlen verderop, in het rijk van Tromsø. Zo ver kwam het niet. Vrijdag spoelde dokter Sigmarsson de prinsesselijke oortjes schoon. En zie, een oorontsteking. Er kwamen medicamenten uit het rijk van Salangen.

Kinderboerderij -6 juli
We hebben een gezinsabonnement op de wilde dieren genomen. Barbara, Nanok, Gaida, Petronella: een lynx, een wolf, nog een wolf en een veelvraat in de Polar Zoo. En jonge beertjes. Een meisje wilde door het hek de wolven chips voeren, vertelde de verzorger, en ze pakten zowel de chips als een vinger.

Voorschot -30 juni
Vanaf mei werk ik af en toe als keukenassistent. Door een fout ergens nog geen salaris ontvangen. De administratie heeft een voorschot-formulier ondertekend. Als ik het kantoor van de gemeentelijke afdeling Loon en Personeel binnenkom, gaan vier dames juist weer naar hun werkplek na een goed gesprek. Ik zeg “dat er iets fout is gegaan en ik al lang wacht”. Dom. Volgens de dame die me helpt had ik in een grote stad vast geen geld gezien voor half juli.

Melankoli -25 juni
Beter wordt het niet. Wel slechter. Het is midzomer en bewolkt. Ik rook op het balkon, want dat doen dichters. Ik heb eindelijk Løsrivelse van Kari Bremnes gekocht, muziek op teksten van Munch. Ben met een nieuw lijstje begonnen: Songs we forgot to play, als reminder aan muziek die ik wil hebben. Ach ja.

Zandbak -21 juni
“Weet jij waar we zand kunnen kopen?” mailde ik onze huisbaas. De volgende ochtend stond er een zandbak in de tuin en `s middags kwam hij zand storten. Met veel stenen en steentjes, dat wel. Terwijl Silje alles wat ze vindt in haar mond stopt. Wij met een vergiet naar buiten. Zo maakten we eindelijk kennis met de buurvrouw, die aan het wieden was. Maar nat zand zeven valt niet mee. Vandaag weer een regendag en het is al bijna Sankthans.

Villmarksmesse -19 juni
Zeehondenhuiden om op te zitten, mugdichte kleding, messen, geweren, een schietbaan. Maar ook stijlvolle gebreide jurken. En Antons timbershow. De rossige man demonstreert in de regen de ‘huisvrouwenbijlworp’. Hij hakt zichzelf naar boven in een boomstam. Voor kinderen en vrouwen motorzaagt hij stoeltjes uit een boomstam. In zijn kraam verkoopt hij grillige tafels en zeilscheepjes-oorbellen en hij zegt ‘zij gegroet’.

Ooit weer slapen? -13 juni
Niet het licht, niet de muggen, niet de bijna-bankstreik en zelfs niet de metorietinslag. Een dochter die haar derde tand krijgt.

Spøkefugl-8 juni
De hoofdredacteur mailt terug: ‘Had je gedacht een kroniek te schrijven, of wat?’ Wat, zo lang was mijn voorstel toch niet? In het woordenboek zoek ik grapjas op. En kijk gelukkig ook even bij kronikk . Het blijkt een debatbijdrage door een deskundige. De meeste kranten op Internet hebben een paar kronieken, zie ik nu.

Kopje thee-4 juni
Wijn is hier niet duur. Wie wil er nou minder dan 80 kronen, 10 euro, uitgeven voor een fles? We gaan op de zaterdag voor Pinksteren winkelen in Finnsnes. Overal drukte, maar in de gezellige staatswijnwinkel (“modern met verantwoordelijkheid”) is het donker. Men wil ons zeker behoeden voor spreken in lallende tongen.

Dugnad-31 mei
Het kinderdagverblijf wil nieuwe schommels en een schone tuin. Dus is er een dugnad: ouders klussen vrijwillig samen. Ik mag harken. De vaders timmeren met z’n tienen tegelijk. Twee leidsters zorgen voor koffie en wafels. In de pauze zegt een vader: “We zijn misschien met wat teveel voor het timmeren.” Ik opper dat er dan wat meer mensen kunnen harken. Glazig klinkt het: “Natuurlijk, harken is ook belangrijk.” En ze gaan weer aan de slag.

Wafelijzer gekocht-30 mei
Zo hou je je Nederlands nog wat bij:
“Wafels kunnen op velerlei aard worden klaargemaakt. Of voor een verjaardag, kinderfeest, koffie- of teenamiddag, voor een gezellige bieravond of iedere woensdag, wafels zijn een lekkernij voor alle gelegenheden.”
Hè fijn, het is al dinsdag.

Dingen die ik mis-22 mei
Diksap- geconcentreerd vruchtensap zonder extra suiker
Jongbelegen kaas
Theezakjes voor een hele theepot
Het donker. Maar dat komt dubbel en dwars terug.

Nasjonaldagen-18 mei
Als kind vond ik Bevrijdingsdag een dag van eindeloos geluk. Verkleden, optocht, zingen, spelletjes en lekkere dingen. En altijd mooi weer. Ik zag het gisteren terug bij de kinderen. Mooi geklede kinderen die zich verheugen op de optocht. En daarna ijs en worst! Kleutermeisjes in rode bunad renden tussen de dennebomen. Er was sneeuw gevallen, maar die smolt weer weg.

Agarscore-10 mei
Geen inconsekwentere vegetariër dan ik. Toch baalde ik gisteren toen er zelfs in Narvik geen agar agar, vegetarische gelatine, te koop was in de amfi-helsekostbutikk. Wel een pak falaffel en vegetarische hamburgers in de kolftas geladen. Op de terugweg, langs bevroren en spiegelende fjorden, bedacht ik de agaragarscore als ecologisatiegraadmeetmiddel. Noorwegen scoort denk ik 3 uit 10. Vandaag gebakken bloemkool met chocoladegelei gemaakt. Met gelatine.

Bevolkingsopbouw-29 april
Zonnige zaterdag, het gezinnetje gaat inkopen doen in Finnsnes. Als we de heuvel afrijden passeren we de buurvrouw van nr. 30 (60+), een stevige vrouw (55+) en een echtpaar (65+). Terug uit de stad fiets ik nog even naar het benzinestation. Op de parkeerplaats bij de Domus lopen vier dames (55+) keuvelend richting heuvel. Ik bekijk wat dvd’s in het benzinestation en koop een Nordlys. Rijd ruim langs twee rollatordames (minstens 75). Denk ik. Eentje kijkt me vuil aan. Ik puf voorbij het gezelschap de heuvel op. Ze praten en wijzen naar een huis. Op een trampoline in de tuin bij nr. 24 maken twee tienermeiden achterwaartse salto’s, gelukkig.

Over-27 april
Somewhere over the rainbow . Dromerig liedje uit de musical The Wizard of Oz, ik vond het mooi. Maar nu hoor ik het te vaak in verzekeringsreclames. In Nederland een ‘kippige menz’ die knijpend zijn weg zoekt in het verkeer. Nu sta ik lang in de wacht bij Enter Forsikring en hoor weer warme regenboogklanken, frequent onderbroken door een vrouwenstem die wijst op de voordelen van teruggebeld worden en Internet. Wat hebben verzekeringsmaatschappijen met dit liedje? Moet het suggereren dat je leven vanzelf een mooie droom wordt als je je maar bij hen verzekert?

Zomerbanden– 23 april
“Dez een schoan wagen, die hee niks gelejen.” De autoverkoper kent beide vorige eigenaren van de witte Audi 80. Oude mannen, die er goed voor gezorgd hebben. Natuurlijk. Twintig jaar lang. Hij kwam ons vrijdagavond laat ophalen uit Setermoen om een proefrit te maken. Naar Buktamo Kro (alleen een paar lege bussen in het donker) en via wat slechtere wegen terug naar Bardufoss. We hebben weer bijna een auto en het is tijd voor zomerbanden.

Buktamoen Kro– 20 april
De laatste scholieren waren net weg en alleen een paar buschaufeurs zaten in een hoek. Op elke tafel een fles ketchup en een fles mosterd van bijna een kilo. Er zal hier wel veel worst worden gegeten. Maar het rook naar wafels, die ook te koop waren. Op de radio weer ‘I found my surprisingly obvious way out of Egypt’. Hoe dan? Anderhalf uur wachten op de bus naar Finnsnes. Gelukkig had ik Elling bij me. En later kwam er een vrouw naar me toe.

Gå på chi-dinsdag 18 april
Vijf dagen lang duurt hier het Paasweekend. Elke rechtgeaard Noors gezin gaat dan naar de hut en/of langlaufen. Niet wij. We hebben niet eens een hut of zelfs ski’s. Wel weer een fiets nu. Wij, eigenlijk Peter, hebben drie kamers geverfd. Weg met roze, blauw nepmarmer en jarenzeventigoranje. Inn med preigroen, ijswater en chi.

Spark
donderdag 6 april
‘Komen ze jullie dan met een hondenslee van het vliegveld ophalen?’ Ik vond het een belachelijke vraag. Nee, en naar ijsberen en pinguins moet je hier ook lang zoeken. Maar een sleetje, een spark, wil ik wel, als Silje beter kan zitten. Acht maanden sneeuw en ijs en je huis op een helling, dan wordt boodschappen doen al gauw een exercitie. Dan liever glijden. Bij de sporthal kun je ‘fietsen en sparks’ tegen de muur parkeren. Zondag zagen we iemand op de spark zijn hond uitlaten.

Zaterdag 18 maart
De grabbelton werkt goed. Heel wat ouwe meuk van ons heeft een betere eigenaar gevonden. De babushkasneeuwpop, het stenen eekhoorntje. De vinder van de dressingshaker vroeg zich af: ‘Willen ze dit echt wel kwijt?’ en de vindster van het sporthorloge vindt dat ze de hoofdprijs heeft gewonen. Lang dwaalde ik in de babykleertjes, maar na twee bezoeken aan het AZC en een schoenendoos in pastelgeel en polo voor het kindje van de overbuurvrouw, passen ze bijna in drie verhuisdozen.

Dinsdag 14 maart
Overal dat liedje. In het zwembad, in de auto, in de supermarkt. Je staart in een melancholieke bui naar een Brabantse Bijrijder. Nu kan het nog. Heb je dat nou in Noorwegen ook? Waarom hoeft Bijrijder nooit voorrang te geven en komt hij ook zelden een auto tegen? Zetten ze alles af? Voetgangers zijn er wel. Waarom denk ik altijd even het te herkennen en is dat dan toch niet zo? En daar is-ie weer op de Bijrijder-autoradio: ‘I just know your life is gonna change’. Vreemd om dat tegen iemand te zeggen. 2 maart 2006
Het inzicht van vandaag: ‘ik ben goed geworden in plannen en lijnen uitzetten, dankzij mijn werk bij De Gezonde Zaak en de immigratie. Zie mezelf op termijn wel als eindredacteur.’ Voor een CV voor een Noorse krant. Uren over gedaan, dat wel.

27 februari 2006
Kaarten maken, kaarten adresseren. Telefoon, verzekeringen, huur etc. opzeggen. Auto zien te verkopen, dat valt nog niet mee. En nadenken welke hapjes we op het afscheidsfeest willen. Als ik niet de baby verzorg, ben ik bezig met regelen. En toch wil het nog niet doordringen dat we over drie weken dit huis uit zijn.

6 februari 2006
Het leven op zijn traagst, aan de ene kant. Een half uurtje babyzwemmen kost twee uur aan reistijd en verkleden. Aan de andere kant zitten we in een gierende achtbaan. Het gaat door, dat is gelukkig nu zeker. En tussen het regelen en snotteren door (het eerste jaar maak je alle ziektetjes van je baby ook mee, schijnt) schrijf ik nog voor het Bisdomblad. Nee, vakbondszaken lukt echt niet. Misschien dat in Noorwegen mijn hersenen weer wat ontweken.

13 januari 2006
Het idee van een weblog is dat je er elke dag aan schrijft, maar ja…
Silje is al weer ruim drie maanden. Een prachtmeisje. En ik heb nu precies één dag in de week mijn handen vrij voor journalistiek werk. De andere tijd is voor zogen en het voorbereiden van een emigratie die waarschijnlijk snel, maar misschien ook helemaal niet plaats gaat vinden. Noord-Noorwegen is een dagreis van hier. Tenminste, met moderne vervoermiddelen, niet met ezelvoeten.